Een beetje structuur

(Uit Management & Consulting, juni 2009)

Voor een select gehoor verklapte Andreas Kinneging bij de laatste ROA-workshop 'De Organisatieadviseur en Het Menselijk Tekort' dat hij zelf lijdt aan de tekorten waarover hij als professor doceert: 'Vanavond in bed zal ik goed nadenken of ik niet te streng ben geweest door jullie collega eruit te sturen.'

Woede, had Kinneging geconstateerd op het gezicht van de collega. Woede omdat Kinneging zijn vragen negeerde. Kinneging is een man van de oude stempel. En puntlichkeit  is een van de oude deugden. ''Als je een uur te laat binnenkomt en bij herhaling vragen gaat stellen over wat ik in je afwezigheid heb verteld, dan kan je beter weer gaan.'

Andreas Kinneging is een zelfverklaard conservatief, aanhanger van de klassieke deugdenleer, terug te vinden bij vele wijzen, van Confusius tot Christus. In dat eerste uur had Kinneging zijn gehoor vol passie doen afdalen in de donkere krochten van de zeven wortelzonden, duivelse begeerten die diep verankerd liggen in de 'ziel' van de mens. Hoogmoed, hebzucht, wellust, toorn, vraat-en drankzucht, afgunst en inertie. Alle zeven in vele gedaanten mogelijk, en bronnen van genot zowel als van kwaad. De mens is een sociaal dier, maar de wortelzonden ondermijnen die sociale binding. Kinneging: 'Heel paradoxaal. Het zorgt ervoor dat samenleven op zijn minst heel stroef gaat. Waar het vandaan komt, of het erfzonden zijn, of je het moet zoeken in de genetica, kan me niet schelen. Het zit in de mens, en als je dat als organisatieadviseur niet ziet, dan kan je niet werken.'

Gelukkig hees Kinneging zijn gehoor na de broodjes weer uit het diepe dal omhoog naar de deugden, die de mens zich 'eigen maakt' door onderwijs en opvoeding, of die worden afgedwongen door 'regels en straf'. Verstand, moed, zelfbeheersing en rechtschapenheid houden de wortelzonden dermate in toom dat een individu toch kan functioneren in de samenleving. Het zijn meteen de noodzakelijke voorwaarden, die zorgen voor het functioneren van de samenleving in collectieve zin. Als extra deugd komt daar nog de naastenliefde bij. En die naastenliefde, preekte Kinneging, 'is heel mooi, want die kan lijmen en genezen. Juist naastenliefde kan zorgen dat we er toch nog iets van maken'.

Maar wat leverde de workshop de organisatieadviseur aan concrete tools op? Nou, bijvoorbeeld dat een deugd als moed ingezet kan worden om de angst de waarheid te zeggen -zeg bij functioneringsgesprekken- te overwinnen. Anderzijds, dat netwerken een vorm van hebzucht is, want 'die golfafspraak is een plannetje om later een slaatje uit die man te slaan'. Dat organisatieadviseurs rechtschapenheid 'integriteit' noemen en dat 'hoogmoed verblindt en je leervermogen tot nul reduceert.' Maar vooral leerde de organisatieadviseur dat de deugdenleer structuur geeft in de analyse. Kinneging: 'De worsteling van het leven kan niemand je ontnemen. De kwelling van de keuze zal altijd blijven. Maar wat ik verteld heb kan je wel enige structuur geven.'


Meetlat

De opkomst was wat matig, maar dat mocht de kracht van Kinnegings woorden niet deren. Paul Kloosterboer (Cordes Organisatie en Advies) toonde zich enthousiast: 'Zeker heb ik iets aan dit verhaal. Dit helpt om de zwarte poot in organisaties te ontdekken. Eerst ga ik er vanavond 's met mijn vriendin over doorpraten. Het zou zo maar kunnen, of eigenlijk: de kans is best groot dat ik dezelfde terminologie volgend jaar ga gebruiken, als gedachteoefening binnen organisaties.' Ook voor Lucia Buijs (Bureau Zuidema) was de oogst aanzienlijk. 'Ik doe momenteel onderzoek naar de geloofwaardigheid in handelen als potentieel faalcriterium van leiders. Wat ik nu direct al zie is dat die beoordeling van geloofwaardigheid langs diezelfde deugden en zonden geschied. Ik moet er nog een nachtje over slapen, maar ik denk wel dat ik dit verhaal expliciet als meetlat in mijn interviews ga gebruiken.' 

Literatuur: Andreas Kinneging; Geografie van Goed en Kwaad. 2009/Historische essays, 588 pags.

Geef een reactie