Matig onderzoek, nuttige aanbevelingen

Eind februari kwam het FNV met het onderzoek 'Ziek door onzekerheid' naar buiten, compleet met persbericht, op de dag van publicatie vergezeld van een zieke voorbeeldwerknemer en een bondsvoorzitter die schande riep: 'De aantallen zijn gigantisch, er wordt heel wat afgeziekt.' 

Maar zo ver gaat het rapport eigenlijk helemaal niet. De feiten: vijfhonderd FNV-leden zijn geselecteerd en aangeschreven met een enquête. Tweederde van hen reageerde. Het merendeel van de respondenten bestond uit lager opgeleide oudere mannen werkzaam op grotere bedrijven. Voor een 'beperkt aantal berekeningen' uit het onderzoek hebben de onderzoekers hun selecte steekproef aangevuld met ruim tweehonderd aselecte reacties op dezelfde enquête op de FNV-website. Om een reactie op het onderzoek (op de M&C website) te citeren: 'Of de respons een representatief beeld kan leveren dat geldt voor de hele populatie werkenden in Nederland lijkt mij zeer de vraag. Ik heb toch zo'n hekel aan dit soort slordig onderzoek.'  

Onderzoeker Jan Warning ontkent die slordigheid. Het onderzoek vond de zomer van 2008 al plaats, zegt Warning, maar vanwege de opstomende recessie en de daaraan verbonden dreiging van reorganisaties besloot de FNV in het najaar de cijfers te actualiseren. 'We hebben Intromart daarom nog een peiling laten doen. Een soort herhaling van de vraag of men klachten heeft, als gevolg van veranderingen op het werk. De cijfers uit die peiling kwamen overeen met de cijfers uit het onderzoek. Die hebben we vervolgens geëxtrapoleerd naar de totale Nederlandse werknemerspopulatie, daar komt dat cijfer van een miljoen vandaan. Dat hebben we doorgegeven aan de Telegraaf.'

Een ander, misschien nog belangrijker bezwaar betreft de vraagstelling van het onderzoek: die ging niet zozeer over reorganisaties, maar over 'veranderingen op het werk'. Daaronder vallen ook individuele positieveranderingen, de toegenomen werkdruk in het algemeen, ad-hoc beleidswijzigingen, promoties, ontslag en zelfs de komst van nieuwe collega's. Alles is op een hoop gegooid. Onderzoeker Warning ziet daarvan het probleem niet: 'Het gaat ons om een continue stroom veranderingen, op allerlei terreinen. Mensen ervaren al die veranderingen samen als een algemene toename van de werkdruk.' Organisatieadviseur en onderzoeker Arend Ardon vindt het jammer dat alles op een hoop geveegd wordt. 'Het is juist veel leerzamer als je al die processen differentieert.'

Dan de belangrijkste conclusie -die aanleiding gaf tot pakkende headlines: 40% van de werknemers wordt ziek van 'de veranderingen'. Een nuance is ook hier op zijn plaats; de koppeling van 'ziek' en 'veranderingen op het werk' in de onderzoeksresultaten is niet heel dik: 17% procent zegt 'klachten' te hebben ondervonden vanwege de onzekerheid gedurende het veranderingsproces, 23% kreeg klachten als gevolg van de resultaten van de veranderingen.

Per saldo heeft het onderzoek uiteindelijk toch een duidelijke boodschap, en die betreft de communicatie en inspraak rond 'de veranderingen'. De helft van de respondenten zegt te zijn ingelicht over 'de veranderingen'. Een kwart vindt zich daarover onvolledig ingelicht, het laatste kwart in het geheel niet. Slechts een derde van de geïnterviewden had het gevoel invloed te kunnen uitoefenen op 'de veranderingen', tweederde voelde zich volkomen machteloos. En dan komt het: het verband tussen de mate van informatie over en invloed op het veranderingsproces was omgekeerd evenredig met de kans dat iemand klachten gaat ondervinden. Kortom: hoe intensiever managers de mensen op de werkvloer informeren en raadplegen, hoe beter het proces verloopt en hoe gezonder en tevredener de mensen uiteindelijk zijn. Transparantie loont.

Want uit het onderzoek blijkt dat de veranderingsgezindheid onder werknemers eigenlijk vrij groot is. Een magere eenvijfde is van mening dat veranderingen altijd slecht zijn. Driekwart van de respondenten onderschrijft (deels) de redenen voor 'de veranderingen' en driekwart vindt dat de vooraf gestelde doelen zijn bereikt. Werknemers zijn dus helemaal niet tegen veranderingen, zijn zelfs tevreden met de resultaten, maar willen wel graag ingelicht en geraadpleegd worden gedurende die veranderingen. Omdat een overgrote meerderheid (95%) van de respondenten de komende twee jaar opnieuw veranderingen verwacht, waarop de helft geen invloed verwacht uit te oefenen en waar ruim de helft (65%) zich zorgen over maakt, is dat een overdenking waard.

Geef een reactie