Maarn is als een warm bad

Roula Tinawy vertrekt begin 2014 uit het kapotgeschoten Aleppo, omdat na drie jaar een einde van oorlog nog niet in zicht is. De route is bekend: busjes naar Beiroet, door naar Izmir, gammel bootje op winterse golven naar Grieks eiland, veerboot naar Athene. En tenslotte een vliegtuig naar Amsterdam.

Roula zit in de voorhoede van de Syrische vlucht; de erkenning als vluchteling komt al na zes weken. Het geeft Roula (35) nog geen rust, want ze liet twee dochters achter, bij opa en oma in Aleppo. ‘Mijn kinderen woonden in een oorlog, zagen buren sterven, vriendinnen omkomen in een bommenzee. Ik was veilig, maar heb elke dag moeten huilen.’

Het duurt dertien maanden voordat de lach weer doorbreekt. Er zijn regels, er is een berg papierwerk. Oma reist met haar kleindochters heen en weer naar Beiroet, de dichtsbijzijnde vestiging van Nederland, om wangslijm af te geven: voor de DNA-test.

September 2015 komt de verlossende uitslag, vliegen Jaklin (16) en Joudy (14) naar Schiphol en wordt het gezin herenigt in AZC Winterswijk. ‘Mijn kinderen hier: alle problemen klein’, vat Roula die dag samen.

Een maand later volgt een woning, in bosdorp Maarn. Naar verluidt is Roula er een van de eerste en nog altijd weinige vluchtelingen. Maarn is als een warm bad, zegt Roula. De gemeenschap van de katholieke Theresiaparochie ontvangt haar met open armen, net als de buren. 

Maarn, de Tinawy’s willen er nooit meer weg. Syrië is voor hen geschiedenis, het stadsleven van Aleppo missen ze ook als kiespijn. In Maarn is veiligheid, zijn er vrienden. Het gaat niet altijd vanzelf, adviseert Roula andere vluchtelingen: ‘Je moet aankloppen, contact zoeken. Als je met open hart naar hen toe gaat, dan openen hun harten zich ook.’

De twee meiden treinen dagelijks naar de Internationale Schakel Klas (SKI) in Overvecht, Utrecht. Over een halfjaar stappen ze over naar een gewone middelbare school. Beiden willen ze zo snel mogelijk een bijbaantje; krantenlopen, kassawerk in de Plus, maakt niet uit. 

Roula’s gedachten worden sinds het vroege voorjaar beheerst door iets geheel anders. Toen deed namelijk Vinkevener Tom van Rossum (36) zijn intrede in haar leven. De eerste zinnen wisselden ze uit op een datingsite, kort erna volgden lange telefoongesprekken.

Het kan snel gaan. Inmiddels logeert Tom vrij permanent in Maarn. ‘We zijn een gelukkig gezinnetje. We gaan dus trouwen,’ vat Tom de huidige toestand samen, want allen vinden het beter die te formaliseren, zowel om zakelijke als emotionele redenen. 

Dan moet wel eerst opnieuw de berg papierwerk beklommen, in het bijzonder moet Roula bewijzen dat ze is gescheiden. Opa moet daarvoor in oorlogsgebied Aleppo op zoek naar papieren die liggen opgeborgen in gebouwen die nog wel overeind staan.  

Voor het papierwerk aan deze kant reist Roula heen en weer naar de loketten in Doorn. Keer op keer hetzelfde verhaal, en niet alle ambtenaren zijn helaas even warm en begripvol. Soms breekt ze.

Tom -als vrachtvervoerder op Schiphol bekend met papierwerk- verbaast zich dan over de manier waarop de overheden hun administratie voeren. ‘Er wordt veel ingetikt, maar kennelijk wordt er niet altijd op save gedrukt. Als je alles van begin af beter registreert, zou dat helpen.’

De ingewikkeldste wens nog is het invliegen van opa en oma, voor de bruiloft.  Of dat lukt is de vraag, de grenzen zijn elke dag moeilijker te slechten. Daar is nu het wachten op. De deskundigen van Vluchtelingenwerk schatten de kans op fifty-fifty. 

Tom heeft in de gezinswoning te Maarn inmiddels iedereen voorzien van dossiermappen. Wat inburgering betreft hebben Roula en haar dochters het getroffen. Harde voorwaarde van Roula is wel dat Tom zich omdoopt tot katholiek. Noord-Hollander Tom heeft weinig moeite met de omgekeerde integratie. ‘Ik verruil met plezier de wateren van Vinkeveen voor de bossen van Maarn.’ 

Kader gezinshereniging:

Vaak zijn families en gezinnen van elkaar gescheiden door vlucht, oorlog en geweld. Nadat een vluchteling een verblijfsvergunning heeft gekregen, heeft die drie maanden het recht om gezinsleden (partner, kinderen) te laten overkomen. Om toestemming te krijgen voor gezinshereniging moeten vluchtelingen een aanvraag indienen bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) en bewijzen dat het huwelijk of partnerschap al bestond in het land van herkomst de gezinsleden vormden in het land van herkomst samen met de vluchteling een gezin. Daarvoor moeten de gezinsleden naar een Nederlandse ambassade reizen, vaak in een ander land.

Geef een reactie

.