Je moet geduld kunnen hebben

Componist Simeon ten Holt (1923) begon relatief laat met uitblinken. Inmiddels wordt zijn Canto Ostinato (‘koppig lied’) tot in alle uithoeken van de wereld met groot en nog steeds toenemend succes uitgevoerd. ‘Er is een tijd van rijpen nodig. Je moet niet voor zijn tijd iets afmaken. Dat moet je niet doen.’ (1941 woorden)
“Je moet geduld kunnen hebben” verder lezen

Geen uitblinker

Zondagavond is Hedy d’Ancona zomergast. Ter voorbereiding een repub van een interview uit 2011, waaruit een veelzijdige vrouw tevoorschijn komt. Hedy d’Ancona bewoog en beweegt zich als oorlogskind, cabaretière, wetenschapper, feministe, moeder, televisiemaker, onderzoeker, politica, minister, vrouw van minister, auteur, opzij-oprichter, en nu: bestuurder en vrouw van een beroemd kunstenaar, in veel verschillende werelden. ‘Het is me eigenlijk allemaal een beetje komen aanwaaien.’ (1805 woorden)
“Geen uitblinker” verder lezen

To lobby or not to lobby

Onderwijsminister Van Bijsterveldt trekt de komende jaren extra miljoenen uit om begaafde leerlingen beter te bedienen. Stel: je hebt een lumineus idee, hoe kom je dan bij dat geld? (1702 woorden) “To lobby or not to lobby” verder lezen

Een beetje het geluk afdwingen

Pieter Drenth (1935) verliet op zijn zeventiende het hoge noorden, om aan de Vrije Universiteit een imposante academische carrière te beginnen. Hij studeerde cum laude af als psycholoog, promoveerde cum laude op zijn vijfentwintigste, en werd achtereenvolgens de jongste hoogleraar, de jongste rector magnificus, de jongste president van de KNAW en de eerste president van de Europese academische koepel ALLEA. ‘Je mag best trots zijn op goede prestaties.’ (1723 woorden) “Een beetje het geluk afdwingen” verder lezen

Noblesse oblige

Aarnout Loudon (1936) was succesvol springruiter, ondernemer, politicus en bestuurder. De als jonkheer geboren Loudon begon net als iedereen onderaan de ladder in het berdijfsleven, om bovenaan te eindigen: als chief executive officer (CEO) van multinational Akzo. ‘Met die stukjes bagage kon ik telkens weer verder. Alles bij elkaar heeft me dat tot een topman gemaakt.’ (1766 woorden)
“Noblesse oblige” verder lezen

Geen allround mens

Marte Röling (1939) werd een van de succesvolste naoorlogse kunstenaars van Nederland. Heel onverwacht was dat niet, voor haarzelf tenminste. ‘Ik heb zelf al heel jong bedacht dat ik later zou gaan schilderen. Dat ik daar mijn leven lang mee bezig zou zijn. Je kunt het saai noemen, zelfs fantasieloos. Maar iets anders kwam gewoon niet in mijn kop.’ (1943 woorden, zeven beelden)

“Geen allround mens” verder lezen

Op zoek naar schuurpapier

Zevende uitblinker senior is Aart Staartjes (1938). Hij moest barriëres slechten om als acteur in de televisiewereld precies op zijn plek te vallen. ‘Ik heb daar geleerd: er moet altijd iets lastigs in zitten. Het moet een beetje controversieel zijn. Het moet een beetje schuren.’ (1739 woorden, 12 beelden)
“Op zoek naar schuurpapier” verder lezen

Vrouw tussen de mannen

Vrouwelijke Uitblinkers senior zijn niet eenvoudig te vinden, vrouwen werden immers niet geacht uit te blinken. Het bestuurlijk talent van Tineke Schilthuis (1921) ging niet verloren. Schilthuis werd een van de eerste politica, de allereerste Commissaris der Koningin en daarmee een boegbeeld van de vrouwenbeweging. ‘Ik vond dat niet moeilijk. Ik deed dat gewoon en grinnikte erom.’ (1694 woorden)

“Vrouw tussen de mannen” verder lezen

Ouwe Jongen

Juni 2010 mocht ik (voor een onderwijstijdschrift) een held interviewen. Het was een heerlijke zomerdag en HJA was in vorm. Buiten sliep Amsterdam-Zuid een voetbalroes uit, dichterbij ritselde de jongere vriendin, ooit opgepikt in café Hesp. We zaten in zijn kantoortje, met om ons heen de gevonden voorwerpen en knutsels die zo vaak terugkomen in zijn geschreven werk. En een asbak, want HJA rookte stevig door. Uit een groen pakje waaruit ik er ook eentje mocht. (1852 woorden)

“Ouwe Jongen” verder lezen

Plezier overwint alles

Judoka Anton Geesink (1934) blonk jarenlang uit als sportman. Hij begon als veertienjarige met judo, werd op zijn zeventiende Nederlands kampioen, en reeg daarna ruim vijftien jaar lang de ene titel aan de andere, inclusief Europese titels, wereldkampioenschappen en een blinkend gouden Olympische medaille. Geesink deed dat op geheel eigen wijze. ‘Vreugde is essentieel. Je moet je niet richten op de prestatie, maar op het plezier.’ (1762 woorden)

“Plezier overwint alles” verder lezen