De Jordaanse Kunstbus

(ook uit het TGI-gidsje!)

De National Gallery of Fine Arts huist in twee panden aan weerszijden van een parkje in Amman. Khalil Madjali is er de PR-man. Aan de wand van zijn kantoor een doek van de Italiaan Armando Pron: Zicht op Amman. Pron bezocht Amman in 1939 op verzoek van de jonge prinses Wadjan, om haar en andere Jordaniërs schilderles te geven. Zeven decennia later is de prinses ruim in de negentig, gepromoveerd in de kunsten en beeldend kunstenaar met bescheiden succes. Minder bescheiden is haar inbreng als hoedster en sponsor van de Jordaanse kunstenaarswereld, zegt Madjali.

 

De National Gallery bezit de grootse collectie kunst uit de 'developing world'. Baanbrekende tentoonstellingen als Breaking the Veils – kunst van louter vrouwen uit ontwikkelingslanden – gaan de wereld rond. Symposia in Jordanië zelf – vaak in het bij kunstenaars geliefde Petra- promoten de kunst ook binnenslands. In het park tussen de twee panden staan sculpturen tentoongesteld. Op zolder is plaats voor een grote bibliotheek. In de kelder huist een atelier.

Daar mag iedereen, altijd en kosteloos werken, zegt Suheil Baqaeen, een energieke vijftiger die na een carrière in de luchtvaartwereld besloten heeft verder als kunstenaar door het leven te gaan. Tien jaar was Baqaeen toen hij als jongetje uit een arm gezin kennis maakte met tekenen, kleur en kunst, via een project van UNICEF. Nu gaat Baqaeen zelf het land door, samen met Madjali en een busje vol kunst en schilderspullen. "Liefst naar arme dorpjes, of bij de bedoeïenen. Er wordt in Jordanië niet getekend, niet geknutseld op school. Ik wil kinderen de kracht van kleur leren." Eerst laten Baqaeen en Madjali twintig werken zien van Jordaanse kunstenaars. Daarna is het tijd voor de workshop. Baqaeen: "Kras maar! Experimenteer! Doe iets met kleur. Geef kleur aan je leven, want het leven is kleur. Dan ga je van je omgeving houden, en daar ook voor zorgen. Precies wat we willen." Baqaeen gaat ook in hoofdstad Amman af en toe de straat op, muurschilderingen maken. "Ik laat voorbijgangers meedoen. De meesten vinden het raar, toch doen ze uiteindelijk mee." Maar liggen kunst en afbeelden nu wel of niet gevoelig in de islam? Baqaeen: "We vechten dagelijks tegen de fanatici. Die weten niet dat God juist houdt van alles wat mooi is. Dat kan je al eeuwenlang zien in de islam. Kunstenaars als Matisse en Picasso zijn geïnspireerd door die islamitische kunst." Jordaners met geld kopen tegenwoordig graag kunst, zegt Baqaeen. Dat heeft geleid tot de komst van veel galerijen, met werken die tienduizend tot veertigduizend euro opbrengen. "Dat komt ook door de grote Iraakse kunstenaarskolonie, op de vlucht voor de oorlog. Die heeft voor een gezonde concurrentie gezorgd."

Dat is te zien in Rainbowstreet, misschien wel de hipste straat van Amman. 's Zomers is er de kunstmarkt Souk Jara. Je vindt er galerieën als Duinde, waar het bovendien prettig lunchen is. Of je rookt een waterpijp in Books@cafe, een tot highbrow loungebar uitgegroeide boek- en cd-winkel . Voor wat traditionelere kunst is er de showroom van de Jordan River Foundation (JRF), een koninklijke stichting die als taak heeft de Jordaanse ambachten in leven te houden. Dat is redelijk gelukt met de prachtige kleden, kussens en tapijten van bedoeïenenstam Bani Hamida. "Typisch Jordaans ambachtswerk", vertelt Gretta Khasho, manager van de stichting. "Weven doen de vrouwen van Bani Hamida op de grond, dat is vrij uniek. Toen we met dit project begonnen in de jaren tachtig waren er nog maar vijf, zes oude vrouwen die de techniek beheersten. Nu zijn dat er zeker zeventig." Toeristen moeten trouwens wel oppassen voor namaakwerk, waarschuwt Khasho. "Let dus goed op onze JRF-labels."

{mosimage} 

Geef een reactie